Bananenspinnen

In het nieuws komt vooral in tijden van weinig ander nieuws, de zogenaamde komkommertijd, wel eens voorbij dat er een dodelijke spin tussen de bananen is gevonden (zoals recentelijk dit bericht in de Telegraaf; Spin zorgt voor paniek in supermarkt) en dat deze extreem gevaarlijk is. De complete bevolking in rep en roer want het einde nadert en ontsnappen kan niet meer! Op het nieuws is immers verteld dat de spin dodelijk is… toch? Nou is ‘de bananenspin’ een verzamelnaam en zijn er veel verschillende soorten die per ongeluk mee kunnen reizen en deze zijn lang niet altijd even gevaarlijk. Tijd dus om eens een aantal feiten op een rijtje te zetten!

Allereerst is het belangrijk om te weten waar het transport vandaan komt waarin de spin is gevonden. Op deze manier kan er gerichter gezocht worden naar welke soort het betreft natuurlijk. Komt een transport uit Afrika of Azië dan is de kans zeer klein dat er een potentieel gevaarlijke spin is meegekomen. Jachtkrabspinnen worden in het Engels ‘huntsmanspiders’ genoemd (echt wel een veel coolere naam als je het mij vraagt) en het zijn spinnen die relatief snel kunnen rennen en zijwaarts kunnen bewegen. Door hun nerveuze gedrag zijn ze eigenlijk ook best aandoenlijk, ze willen immers alleen maar vluchten. In de meeste gevallen gaat het om Heteropoda-soorten. In veel gevallen Heteropoda venatoria. Een soort die inmiddels wereldwijd voorkomt. Dit zijn spinnen die vaak in de buurt van mensen leven omdat daar vaak meer insecten te vinden zijn en op die manier ook vaker in een transport terecht komen. Sparrasidae, de familie van de jachtkrabspinnen waar ze onder vallen zijn het makkelijkste te onderscheiden van ‘echte’ bananenspinnen door de stand van de ogen, twee rijen van vier onder elkaar.

Heteropoda

Jachtkrabspin – Heteropoda venatoria

Een andere Sparrasidae die nog wel eens mee kan komen maar over het algemeen wat kleiner is van formaat, zijn Olios sp. welke naar verhouding langere voorpoten en kortere achterpoten hebben.

olios-masker

Olios sp. uit India

Dit verhaal geldt ook voor transporten uit Afrika. Sowieso komen er (voor mij helaas, het blijft één van mijn favoriete continenten ;)) relatief weinig producten vanuit Afrika waar nog levende spinnen in aangetroffen worden. Mocht je toch een spinnetje vinden dan ben ik altijd bereid het dier te determineren en op te vangen, haha 🙂

Dé ‘ECHTE’ bananenspin komt uit Zuid-Amerika en valt onder de Ctenidae. De ogen van deze spinnen zijn anders gepositioneerd, twee paar grote ogen als een vierkantje naar voren gericht en 4 wat kleinere ogen langs het bovenste oogpaar. De Braziliaanse zwerfspin – Phoneutria nigriventer en Phoneutria fera zijn enkele van de weinige spinnensoorten om rekening mee te houden qua giftigheid. Hun gif bestaat uit een mix van proteïnes en peptiden waaronder Neurotoxines (zenuwgif) wat kan leiden tot hartritmestoornissen, overmatig zweten en tranen, braken, incontinentie en priapisme (mocht je niet weten wat dat laatste is, Google even, dat vergeet je niet meer, dikke tip!). Ondanks alle ellende die je leest in de opsomming in de vorige zin is de kans wel erg klein dat je ook daadwerkelijk last gaat krijgen van deze miserie. Die spinnen moeten namelijk wel bijten om het gif in je lichaam te kunnen krijgen en dan moet het ook nog een beet zijn mét gif! Gelukkig bijten spinnen geen mensen maar worden mensen gebeten. Dat wil dus zeggen dat als je normaal en rustig omgaat met het dier als je er één tegen komt er niks aan de hand is want ze zijn er totaal niet op uit om in de aanval te gaan. Het gif wat ze hebben gebruiken ze veel liever om insecten mee te vangen. Als ze gif moeten gebruiken ter verdediging betekend dat ook dat ze nieuw gif aan moeten maken en dat kost energie. Nou zijn spinnen liever lui dan moe dus gaan ze niets verspillen aan mensen als dat niet nodig is! 🙂

Om nog meer te weten te komen over het gif klik je hier

phoneutria.png

Phoneutria boliviensis

Goed om te weten is wel dat de meeste bananen die geïmporteerd worden naar Nederland niet uit Brazilië komen maar uit Bolivia. De Phoneutria-soorten uit Bolivia zijn wel giftig maar niet gevaarlijk voor mensen. Verder naar het Noorden leven ook nog Cupiennius-soorten welke wel veel weg hebben van echte bananenspinnen maar het ook niet zijn. Vaak worden deze gezien in Costa Rica en Nicaragua als men daar op vakantie is, het zijn actieve jagers dus zie je ze wat vaker dan andere spinnen. Ze variëren sterk van kleur, van beige/bruin tot knaloranje! Het verschil is lastig waar te nemen zonder dat het land van herkomst bekend is, klik hier voor een verdraaid handig artikel over onderscheid tussen Cupiennius sp. en Phoneutria sp.!

Spinnen kunnen overigens wel op een banaan geboren worden trouwens, dat is dan weer geen fabeltje. Op deze foto zie je een ei-pakket welke vastgeplakt zit op een banaan;

banaan met cocon

Banaan met ei-pakket

Bij het kopen van bananen bij een supermarkt in Nederland kwam de koper er achter dat er onder het prijsstickertje een verdikking zat wat een cocon met eieren bleek te zijn. De jongen waren net uit het ei gekomen en stonden op het punt de banaan te verlaten op zoek naar wat insecten om te eten. Op dat moment is er voor gekozen om de banaan inclusief spinnetjes maar weg te brengen om te kijken of de soort te achterhalen zou zijn. Het opkweken van de jongen is goed gelukt en nu heb ik één man en twee vrouwtjes volwassen. Nu blijkt dus dat het gaat om een Ctenus-soort welke niet gevaarlijk is, maar wel heel mooi, toch?

Ctenidae Bolivia Turbo Santa marta1

Ctenus sp. – Bolivia, Santa Marta

Uiteindelijk blijkt dus maar dat de verhalen uit de media vaak een storm in een glas water zijn en je dus niets hebt om je druk over te maken. En eerlijk is eerlijk, als ik de spin zou zijn zou ik ook liever blijven chillen in mooi tropisch bos. Mocht je na dit geruststellende verhaal toch twijfels hebben over hoe je in een bepaalde situatie met spinnen om moet gaan dan kan je me altijd even een mailtje sturen.

 

Sjef van Overdijk

#lovespiders

 

Advertenties

Wandelen in Noord-Brabant, op zoek naar spinnen…

Op de Cartierheide in Hapert, Noord-Brabant leven, zoals op elke vierkante meter in Nederland, verschillende soorten spinnen. Een aantal van deze spinnen soorten in dit gebied zijn zeldzaam in ons land. Onder andere de Mijnspin (Atypus affinis) komt voor in dit gebied. Voor elke natuurliefhebber een mooi gebied maar zeker voor de spinnenliefhebber echt top!

overzicht cartierheide hapert site

Tijdens mijn wandelingen, eind april en begin mei, passeren een heleboel insecten de revue zoals grijze zandbijen, spinnendoders en kleine wolzwevers. Niet alles was even makkelijk te fotograferen maar je doet wat je kan…

grijze zandbij stuifmeel site

Grijze zandbij – Andrena vaga

Nomada fulvicornis koekoeksbij site

Roodsprietwespbij – Nomada fulvicornis

Wel leuk om te zien trouwens, die roodsprietwespbij is een soort die als een koekoek haar ei legt. In dit geval bij de larven van de grijze zandbij dus!

Bij veel stappen die ik zet, schiet er wel een wolfspin (Pardosa sp.) weg, op zoek naar een veilige plek. Uiteraard laat ik mij niet uit het veld slaan door het nerveuze gedrag (als ik van die grote mensenpoten aan zie komen zou ik me immers hetzelfde gedragen :D) en ga plat op m’n buik in de hei liggen en heb toch deze foto kunnen maken…

Pardosa-sp-armentata

De positie van de ogen van wolfspinnen is wat hen zo mooi maakt. Deze bodemjagers hebben flinke ogen om actief op zicht te jagen. Niet alle wolfspinnen waren even gelukkig die dag, hier een Trochosa sp. welke door een bosmier word meegesleurd naar het nest;

trochosa met rode bosmier site

Een ander werd, vlak voor ik afdrukte, achter gelaten door een spinnendoder;

Trochosa verdoofd door wesp site

Het leuke van dit gebied is dat de heide tegen het wandelpad aan staat waardoor je erg veel kan vinden. Ook deze brede wielwebspin – Agelenatea redii met prooi;

Agelenatea redii vrouw site

en een vers uitgekomen cocon van een wespenspin – Argiope bruennichi hing in de struikheide;

sac Argiope bruennichi site

Een stukje verder vind ik ,op een open stuk tussen heidepercelen, een plek met los hout en takken wat voor velen wellicht niet direct interessant is;

detail cartierheide hapert site

Zo’n ‘mini-biotoop’ is voor veel dieren belangrijk, met name geleedpotigen. Sommige soorten hebben baat bij een zonnige plek, andere weer bij meer schaduw of vocht. In dit geval waren er wel wat insecten te vinden maar wat ik veel leuker vond waren de spinnen die er rond aan het springen waren. Springspinnen (Salticidae) behoren tot mijn favorieten, zowel qua gedrag als qua uiterlijk. In dit geval betrof het een groot aantal (>30 dieren) V-vlek springspinnen – Aelurillus v-insignitus. Deze dieren zijn erg visueel ingesteld en zijn continue bezig met elkaar in de gaten houden. Als ze elkaar in het vizier hebben seinen ze naar elkaar met trillende achterlijfjes en zwaaiende pootjes, ik kan er uren naar kijken. Veel mensen hebben het filmpje van een baltsende peacock-spider wel eens gezien (zo niet, klik hier) en dit gedrag lijkt er veel op. Niet zo’n felle kleuren en geen dansjes maar toch hele mooie beestjes, oordeel zelf;

Aelurillus vinsignitus vrouw site Aelurillus vinsignitus vrouw 1 site Aelurillus vinsignitus vrouw 6 poten site Aelurillus man prooi site Aelurillus man site Aelurillus vinsignitus vrouw groot voorkant site Aelurillus vinsignitus vrouw groot site Aelurillus vinsignitus vrouw groot1 siteAelurillus-v-insignitus

Aelurillus v-insignitus is trouwens vrij eenvoudig te herkennen aan de dubbele V-vormige tekening op de kop (V-insignitus = letterlijk V-tekening). De tekening is bij de volwassen mannen erg duidelijk aanwezig. Vrouwtjes zijn grijs en hebben gebandeerde pootjes.

Een andere soort kwam ik tegen in de struikheide zelf, de bonte grasspringspin – Evarcha arcuata

Evarcha arcuata site Evarcha arcuata1 site

Nou is de heide in Hapert niet heel erg vlak. Er liggen wat heuveltjes in het landschap wat voordelen met zich meebrengt. Sterker nog, de heuvels liggen van oost naar west waardoor er dus een groot gedeelte op het zuiden gericht staat. Dat betekend dus dat hier voor een groot gedeelte van de dag de zon op staat. Dat houd in dat deze heuvels lekker warm worden en een ideale plek voor de Mijnspin (Atypus affinis) is om te leven. Mijnspinnen zijn aan hun naam gekomen doordat ze in een buisvormig web leven wat gedeeltelijk boven de grond zit. Dit web is gecamoufleerd met zand, schors, steentjes en mos en heeft wat weg van een mijnschacht. Hierdoor zijn het dus spinnen die erg lastig zijn om te spotten. Vaak worden alleen in het najaar (september- oktober) volwassen mannetjes gezien, op zoek naar vrouwtjes. Deze kerels overleven een paring niet altijd maar het kan ook zijn dat ze overwinteren bij het vrouwtje en in het voorjaar nog gespot worden. Het enige wat soms opvalt is een vers uitgegraven holletje waardoor er wat zand naast de woonbuis ligt…

tubeweb atypus cartierheide hapert site

Met wat gekietel met een grasspriet is deze beauty naar buiten gekomen en heb ik haar kunnen kieken;

mijnspin 2 site mijnspin 3 sitemijnspin site

Al met al dus een erg mooi gebied waar ik graag ben en waar prachtige spinnen te vinden zijn!

 

Sjef…

#lovespiders